Een stuk gezelliger!
Vandaag :
♔ niets op de agenda

Historie

Historie van Schaakclub Purmerend

 

De onderstaande tekst is ontleend aan het jaarboek dat ter gelegenheid van het 60 jarig jubileum van Schaakclub Purmerend in 1991 is verschenen en waaraan onderstaande heren hun bijdrage leverden:

  • Periode 1931 – 1971 : Henk Breeuwsma
  • Periode 1971 – 1981 : Jan Koelewaard
  • Periode 1981 – 1986 : Cor ten Woude
  • Periode 1986 – 1991 : Henk Breeuwsma

Eerste Periode 1931 – 1936

Schaakclub Purmerend werd opgericht op 25 november 1931. De jonge notaris Feike Dokter was in 1931 verhuisd van Amsterdam naar het toen 5800 inwoners tellende Purmerend. Helaas moest hij toen ontdekken dat in zijn nieuwe woonplaats geen enkele club zich bezighield met een denksport als schaken of dammen.
Dokter kwam daarop in contact met een zekere Cees G. Oudegeest waar hij later een hechte vriendschap mee ontwikkelde. Samen met Jan de Heer uit Zuidoostbeemster rijpte bij deze drie het plan een schaakclub op te richten. Op 25 november 1931 kreeg e.e.a. gestalte tijdens een in het Herenlogement gehouden vergadering. Als eerste leden waren buiten de al genoemde drie aanwezig Ds. Banga en het hoofd der school Purmerend Dhr. Delveaux.
In deze periode werden vnl. wedstrijden gespeeld tegen onze buren van schaakvereniging “Aris de Heer” uit Middenbeemster, Caïssa uit Hoorn en “Landsmeer”. De eerste wedstrijden werden door Purmerend allemaal verloren, maar het keerpunt kwam op 10 januari 1935 toen in de uitwedstrijd tegen Landsmeer met 9-4 werd gewonnen.

Tweede Periode 1936 – 1941

Een eerste wapenfeit uit deze periode was de mooie overwinning op Landsmeer. Op 26 November 1936 werd deze vereniging met 9-7 verslagen. Hiermee werd een begin gemaakt van een lange reeks overwinningen. In totaal werden in deze periode 22 wedstrijden gespeeld, waarvan er slechts 3 werden verloren.
In het seizoen 1938-1939 kreeg Purmerend een belangrijke versterking toen Dhr. J. Groenevelt, plaatsvervangend directeur van het postkantoor, zich als nieuw lid liet inschrijven. Op verzoek van toenmalig voorzitter F. Dokter speelde de heer Oudegeest 2 partijden tegen het nieuwe lid om te zien hoe sterk hij wel was. Oudegeest wist toen beide partijen nog te winnen, maar daarna had ons voormalig erelid geen enkele kans meer tegen de nieuwe topschaker uit Purmerend.
Als groot evenement uit deze periode mag zeker de op donderdag 26 augustus 1937 gehouden simultaanseance tegen de Amerikaanse schaakmeester Rueben Fine worden genoemd. In 4 uur wist de 22-jarige Amerikaan 47 partijen af te wikkelen, waarvan hij er 45 won en slechts in twee gevallen tegen Dhr. F. Homan en Dhr. L. Keesing in remise moest berusten.

Derde Periode 1941 – 1946

Deze periode kenmerkt zich uiteraard door de uitgebroken tweede wereldoorlog. In alle gemoedsrust kun je je afvragen wat er in deze periode nog van een verenigingsleven terechtkomt. Toch was het juist in deze periode zo dat mensen steun zochten bij elkaar en men juist op de verenigingsavonden even bij elkaar kon komen voor een praatje en even afstand kon nemen van de dagelijkse moeilijkheden. Het was dan ook een grote verdienste van het toenmalig bestuur dat zij hiervoor de gelegenheid schiep. De voorzitter Dhr. Dokter bleef op zijn bekende wijze de activiteiten stimuleren, daarbij ondersteund door Dhr. J. Reitsma als ijverige secreatris en een nauwlettend op de financiën toeziende J. de Heer. Ziehier dus de beschermheren van schaakclub Purmerend in die moeilijke en nooit meer terug te wensen oorlogsjaren. In deze periode beperkte de activiteiten zich uiteraard vnl. tot het spelen van de interne competitie. Toch kunnen we enige bijzondere activiteiten noemen:

  • Aansluiting bij de Nederlandse Schaak en Dambond in 1942
  • Het kampioenschap van Purmerend 1 in de 2e klasse NHSB in 1943
  • Simultaanwedstrijd tegen Dr. Max Euwe in april 1943
  • 1e Bekerwedstrijd tegen SC Nieuwendam om de “Zwaan” wisselbeker op 13 februari 1943
  • 1e Paastoernooi van SC Purmerend in april 1944
  • Bevrijdingstoernooi met als inzet het kampioenschap van Waterland, gehouden op 11, 12 en 13 juli 1945

Na het bevrijdingstoernooi konden in september 1945 alle normale activiteiten weer worden hervat. Het ledental vertoonde nog steeds een stijgende lijn en bedroeg nu 42, inclusief enige dammers. Die dammers vormden slechts een klein gedeelte van de club, en het was dan ook niet verwonderlijk dat op de agenda van de jaarvergadering van 27 September 1945 een punt voorkwam hetwelk afsplitsing van de dammers in afzonderlijk verband aangaf. Hoewel dit punt nog wel enige discussie uitlokte was er bij de stemming geen enkele dammer tegen.

Vierde Periode 1946 – 1951

De jaren van het vierde lustrum zijn voor schaakclub Purmerend de “magere” jaren geweest waarbij het dieptepunt aan het einde van deze periode en in het begin van het volgend lustrum zou vallen. In 1952 nl. dreigde schaakclub Purmerend door de Noorhollandse Schaakbond geroyeerd te worden. Gelukkig voor schaakminnend Purmerend is dit niet gebeurd.
Toch waren er enige lichtpunten. De gezelligheid bleef, de kern van de club werd ondanks het vertrek van vele leden niet aangetast. Wel zou de club aan schaakkracht gaan inboeten, maar uiteindelijk hebben zij die de eerste jaren reeds bij schaakclub Purmerend actief waren en die het schaken zo gezegd in het bloed hadden, het voortbestaan van schaakclub Purmerend weten veilig te stellen.

Vijfde Periode 1951 – 1956

Zoals u eerder heeft kunnen lezen is dit de donkere priode van schaakclub Purmerend en kan gerust als dieptepunt worden beschouwd. De oorzaken die hieraan ten grondslag liggen zijn niet meer te achterhalen. We zullen dit dan ook maar als “normaal” verschijnsel kwalificeren. Iedere vereninging kent immers zijn ups en downs. Om uit de financiële malaise te komen kondigde het bestuur een voor die tijd zeer drastische contributieverhoging aan van fl 7,- naar fl 12,-, zodat de club in ieder geval aan zijn financiële verplichtingen kon voldoen.

Zesde Periode 1956 – 1961

Nadat de schaakclub een periode van tegenslag kende trad er in 1956 een algehele verbetering op. Enige nieuwe leden kwamen de club versterken en het ledental groeide van 27 in 1955 tot 38 in december 1956. Het bestuur was daarbij actief bezig de financiële positie van de club te verbeteren en trachtte nieuwe activiteiten in het clubleven te ontplooien. Zo werd op 3, 4 en 5 januari 1957 een nieuwjaarstoernooi georganiseerd waaraan 24 schakers deelnamen. Tevens was het kampioenschap van het tweede team in de vierde klasse een behoorlijke stimulans. Ook de verhuizing van clublocaal Dorland naar het café van de fam. Schipper op de Koemarkt kon als verbetering worden gezien.
Aan het eind van seizoen 1956/1957 kon mede door de “emmertjes” actie van de Persil fabrieken het batig saldo op fl 224,57 worden gebracht. Toch moesten bezoekende verenigingen door een materiaalgebrek hun eigen klokken nog meenemen.
In mei 1957 werd onder de naam “Eeuwig Schaak” het eerste clubblad uitgegeven nadat men het voordien al die jaren zonder had gedaan. Het blad verscheen voor de eerste maal onder redactionele verantwoordelijkheid van de heren R. Bijlsma, J. Dokter, C. Jongkees en G. Verweij met een voorwoord van burgemeester R. Kooiman.
Dan zijn we aangekomen bij de meest gedenkwaardige dag van de schaakclub uit dit verleden:
2 juli 1960. Purmerend viert zijn “550 jaar stad”. Toen Dhr. J. Beers dat grandioze idee kreeg van “Laten we voor de stadsfeesten eens een hele grote simultaanseance organiseren”, toen de heren J. Hofmeester en G. Grondman meteen enthousiast ja knikten, toen Dhr. J. Doets, president directeur van Doets Handelsonderneming “De Spar” voor de nodige financiën zorgde en toen tenslotte de gehele schaakwereld enthousiast werd, toen kon niemand ook maar in de verste verte bevroeden wat een geweldig succes deze Spar-PF’60-seance zou worden. Schakers en niet schakers stonden er paf van. De grote veilinghal van Purmerend was één grote vlaggenzee en op de grond stonden vele lange tafels waarop 580 borden en 18.460 schaakstukken waren geplaatst. Op het parkeerterrein vele auto’s, waaronder de bekende radiowagen van de Nederlandse Radio Unie. Schaakclub Purmerend trad na 29 jaar in het “wereldnieuws”.
De simultaanspelers die toch wel wat gewend zijn waren er zelfs ondersteboven van. De jonge talentvolle speler J. Bink zei: “Dit maak ik nooit meer mee, ’t is gewoon fantastisch”. B.J. Withuis, de man die met zijn “persdienst” zoveel voor de schaakwereld deed zei hetzelfde: “Enorm, gewoon enorm”. Later kon Lodewijk Prins hetzelfde nog eens voor de radio herhalen.
Zo werd het een schaakfestijn zonder weerga. Dr. Max Euwe, naar wie uiteraard de meeste belangstelling uitging, had het bij de officiële ontvangst in de raadzaal al opgemerkt. Sprekend namens de KNSB wees hij er op, dat alle grote schaakevenementen in Nederland tot stand waren gekomen met medewerking van buitenlandse meesters en grootmeesters. Hier betrof het een zuiver nationale manifestatie met een deelnemersveld van simultaanspelers zo sterk, dat de leider van het nationale team er jaloers op zou zijn. “Het is een evenement waarover men nog jaren zal spreken”, aldus Dr. Euwe.
Purmerend mag weer trots zijn op zijn schaakclub. In het laatste jaar van deze periode groeide het aantal leden uit tot 49. Zij speelden voor het eerst in het systeem “Keizer”. De club speelde inmiddels met 2 tientallen in de bondscompetitie.
Hiermee sluiten we een bijzondere periode af, waarvan ik alleen maar kan zeggen: “Jammer dat ik toen pas 2 was”.

Zevende Periode 1961 – 1966

In deze periode ontwikkelde de schaakclub zich gestaag. In 1962 werd afscheid genomen van café “De Drie Zwanen” als clublokaal en werd de veilingkantine het nieuwe thuishonk van de club. Eind september 1963 ging een spaaractie van start onder motto “Het is maar voor een jaar! Spaar!!!”. Doel van deze actie was om het benodigde geld bij elkaar te krijgen voor de aanschaf van een stencilmachine. Uiteindelijk leverde de actie fl 143,- op, waarmee geen stencilmachine, maar wel een typemachine werd aangeschaft. Pas eind 1965 kwam de stencilmachine er, waarmee een lang gekoesterde wens in vervulling ging. Het clubblad kon nu geheel in eigen beheer worden gemaakt
Het voorjaarstoernooi van 1966 werd met niet minder dan 104 deelnemers wederom een groot succes. In de hoofdgroep A bleek Nederlands jeugdkampioen Rob Hartoch de sterkste.
Op zaterdag 19 november 1966 werd het 35-jarig bestaan gevierd, waarbij Dhr. Dokter die zo ontzettend veel voor de club heeft betekend, werd benoemd tot erevoorzitter, na eerder reeds erelid geweest te zijn.

Achtste Periode 1966 – 1971

Deze jaren geven een verdere groei zowel in kwantitatief als in kwalitatief opzicht. Het ledental bedraagt inmiddels meer dan 60. Het eerste team weet zich te handhaven in de overgangsklasse, terwijl het tweede en het derde team het kampioenschap binnen halen.
In 1969 wordt in de Noordhollanse Courant een opwekking gedaan aan de nieuwe bewoners van Purmerend om lid te worden van de schaakclub. Het snel uitbreidende Wheermolen moet toch ledenwinst kunnen opleveren! Op de eerste clubavond melden zich inderdaad acht nieuwe leden.
27 maart 1971 is wederom een historische dag voor schaakclub Purmerend. Op die datum wordt nl. het eerste team kampioen van de overgangsklasse en promoveert naar de 2e klasse KNSB.
In het kader van het 40-jarig bestaan wordt op 11 september 1971 ’s morgens een scholentoernooi en ’s middags een simultaanseance georganiseerd. De simultaan wordt gegeven door de Russische grootmeester A. Kotov en de Nederlandse meester Jan Timman.

Negende Periode 1971 – 1976

De club groeit flink door, reden voor het bestuur om op zoek te gaan naar een nieuwe en vooral grotere speelruimte. Die werd gevonden in “de Ark” midden in de oude stad.
Het eerste team beleeft inmiddels in seizoen ’72/’73 barre tijden in de KNSB. UIteindelijk komen 4 teams met 6 punten op de plaatsten 7 t/m 10. Op bordpunten is Purmerend nummer 7 en handhaaft zich daarmee in de 2e klasse KNSB. Het jaar daarop valt echter het doek voor Purmerend, degradatie uit de KNSB. Het zou ruim twaalf jaar duren voordat we weer terug keerden.
Een droevig verlies lijdt de vereniging als oprichter en erevoorzitter Feike Dokter tijdens een vakantie in de bergen in Zwitserland verongelukt. Althans dat wordt aangenomen. Ondanks uitgebreide zoekacties werd zijn lichaam nimmer gevonden.

Tiende Periode 1976 – 1981

Er heerste ontvredenheid in de club over het clublokaal “de Ark”. Het lokaal zou niet iedere dinsdagavond beschikbaar zijn, waarbij de fam. Schipper dan “Concordia” als alternatief aanbood. Door deze situatie kreeg het bestuur van de leden volmacht om te zien naar een andere lokatie. Die werd snel gevonden, terug naar de veilingkantine! En weer spelen op donderdagavond. Het aantal senioren handhaaft zich in deze periode vrij constant rond de 67 personen. Wel is er hoop voor de toekomst want de jeugdafdeling draait heel goed. Meer dan 50 jongelui spelen er in competitie.
De jaarvergadering van 31 augustus 1978 werd weer gehouden in “Concordia”. Tijdens de vergadering bleek het bestuur ruzie te hebben gekregen met de beheerder van de veilingkantine. Ondanks verzoeken van de leden om te komen tot een lijmpoging bleek het bestuur onvermurwbaar. Niet meer terug naar de veiling. Een nieuwe lokatie werd gevonden in wijkgebouw ’t Noot in de Wheermolen. Daar moest echter wel een forse prijs voor worden betaald. De contributie ging omhoog van fl 56,- naar fl 72,- !! De verhuizing brengt echter in september 1978 reeds een verhoging van het ledental van 62 naar 74.
Hoogtepunt van het seizoen 1979-1980 was ongetwijfeld simultaanvoorstelling op 1 februari 1980 waarbij Viktor Kortsnoj (nummer twee van de wereldranglijst) mede door sponsoring van Wouda Muziek naar Purmerend gehaald kan worden.

Elfde Periode 1981 – 1986

Deze periode stond vooral in het teken van de stormachtige ontwikkeling van onze jeugdspelers. Het eerste jeugdteam (tot 16 jaar) werd kampioen van Noordholland met de spelers Walter Verdonk, Roland Verdonk, Eddy Hartmans, Guido Jansen en Michiel Bosman, waarvan vooral de laatste veel potentie had. Helaas nam hij aan het eind van seizoen 1984-1985 afscheid en vertrok naar een “betere” club. Als simultaangevers zijn in deze periode o.a. John Nunn (1982) Vlastimil Hort (1983) en Anthony Miles(1984) aanwezig geweest. Teleurstellend was het dat deze jaren lange traditie in 1985 niet kon worden doorgezet toen geldschieter Wouda Muziek niet bereid gevonden kon worden de hoge som geld voor Jan Timman op tafel te brengen.
Ronald Overveld brak het oude record van R. Hoogkamp, door voor de zesde achtereenvolgende maal clubkampioen te worden.

Twaalfde Periode 1986 – 1991

Deze periode kenmerkt zich ongetwijfeld door twee zaken:

  • Het ledental groeit tot boven de 100. Purmerend wordt hiermee de grootste vereniging van de NHSB met zo’n 108 seniorleden en 50 jeugdleden.
  • Het eerste team promoveert achter elkaar van de overgangsklasse NHSB naar de eerste klasse KNSB.

Bovendien mag uiteraard het behaalde Nederlands kampioenschap tot 13 jaar niet onvermeld blijven. In november 1986 waren Rolph Keune, Richard Klaasen Bos, Lucas van Mil, Raymond Gompelman en Wouter Schotsman voor Purmerend de sterkste van Nederland. Teamleider Ton de Veij was apetrots op “zijn” mannen.
De traditionele simultaan wordt in ere hersteld, en de volgende grootmeesters hebben in deze periode een bezoek aan Purmerend gebracht:
Ljubomir Ljubojevic (1987), Mikhail Tal (1988), Viswanathan Anand (1989) en Zsofia Polgar (1990). Van deze kanjers wist vooral Anand te imponeren. In razend tempo door de zaal spurtend wist hij een score van 95,8% te bemachtigen (34½ uit 36).

Tot slot

Uiteraard is het onmogelijk om de volledige geschiedenis van de club hier in beeld te brengen. Vele mensen die de club een warm hart toedragen en zich immer hiervoor inzetten zijn onvermeld gebleven. Echter, alle leden, ex-leden en sponsors van schaakclub Purmerend zijn/waren samen verantwoordelijk voor waar de club nu staat.
En daar mogen we met zijn allen best trots op zijn………………….. !!

Wordt nog aangevuld!