Purmerend N1 – Castricum N1 6 – 2

Op 7 december speelde het eerste NHSB-team de thuiswedstrijd tegen Castricum I. Het had wat voeten in de aarde omdat de wedstrijdleider van Castricum ons daags tevoren had verzocht de wedstrijd met een of twee weken uit te stellen omdat zij een aantal zieke basisspelers hadden. Maar omdat wij dan ook met invallers zouden moeten spelen heeft Bert-Jan terecht geweigerd de wedstrijd uit te stellen. Met instemming van de wedstrijdleider van de NHSB, die dat op zijn eigen unieke wijze heeft laten weten. Het risico is natuurlijk wel dat de tegenstander extra gemotiveerd is!
Ons team was compleet maar door een afzegging van Marloes moesten we op zoek naar een invaller. Rob van Someren verving haar op uitstekende wijze.

Hieronder de verslagen van de spelers, soms zelfs de partij in zijn geheel.

Pieter was het aan zijn stand verplicht, een ratingverschil van 1000 punten, korte metten te maken met zijn tegenstander. En deed dat ook:

Frank doet op zijn gebruikelijke manier, in column-vorm onder de titel ‘Remiseaanbod’, verslag van zijn partij.

Mijn tegenstander van Castricum vond bij zijn tweede remiseaanbod dat hij de grens van netheid wel bereikt had. Een derde remiseaanbod zou volgens hem ongepast zijn. Ik vond zijn eerste remiseaanbod al ongepast, maar dat neemt niet weg dat hij volgens mij wel 100x remise had aan mogen bieden. Stuk voor stuk ongepast.

Thuisgekomen vroeg ik me af wat de etiquette is bij een remiseaanbod en toen ik internet op ging vond ik in eerste instantie de standaard regels. Je biedt remise aan nadat je een zet gedaan hebt en dat soort regels, maar niet de logica van wanneer je remise aanbiedt en wanneer is dat ongepast? Bij de do’s and don’ts vond ik in ieder geval één logica.

Als je b.v. een rating van 1800 hebt, en die had mijn tegenstander, dan is het ongepast om remise tegen een grootmeester aan te bieden. Nu komt mijn tegenstander net goed weg, want ik ben zeker geen grootmeester. Maar wat totaal vergeten wordt is de stelling op het bord en dat is toch wel een elementair onderdeel van het schaakspel en dat in relatie tot het remiseaanbod.

Als die grootmeester remise aanbiedt aan de speler van 1800 en die speler van 1800 kan mat in één geven, dan lijkt mij dat aanbod ongepast. Maar ziet die speler van 1800 dat mat wel?

Nu dan de reden dat ik het eerste remiseaanbod al ongepast vond: ik stond beter en een gezonde pion voor. Oftewel, hij had totaal geen compensatie voor de pion. Dan biedt een speler met 200 elo-punten minder geen remise aan. Wel om zijn tegenstander te irriteren en zo in de hoop dat die door irritatie fouten gaat maken.

Dat leek mij overigens niet de reden van mijn tegenstander. Serkan Milli was wel geïrriteerd, omdat zijn tegenstander niets te drinken had aangeboden, waardoor hij de winst niet vond en met remise genoegen moest nemen. Met voor u, beste lezer(es), de gratis les: raak nooit geïrriteerd tijdens een schaakpartij.

Een belangrijk advies van Short dien ik u niet te onthouden: “Denk altijd na waarom uw tegenstander remise aanbiedt. Dat heeft een reden.” En dat is meestal geen positieve reden voor de speler die dat doet. Op een overduidelijke remisestelling na natuurlijk.

En dat was ook het geval bij mijn partij. Mijn tegenstander kwam als een wilde uit de opening en ik incasseerde die pion, zonder enige compensatie voor zwart. Toen zwart ook geen aanval had in de partij bood hij remise aan, want in dat saaie eindspel had hij geen zin.

Toen ik de tweede pion won en er nog meer stukken werden afgeruild was de gein er helemaal af voor hem en kwam nog een wanhopig remise aanbod met de opmerking dat een derde aanbod wel te dol zou zijn geweest. Op zulke momenten doe ik gewoon mijn zet, waarmee ik aangeef dat ik het aanbod niet serieus neem.

En als ik de computer mag geloven stond wit vanaf de eerste tot de laatste zet beter, waarbij de pluswaarde per zet toenam. Dus er was totaal geen reden voor een remiseaanbod, ook niet door mij.

Bij Anton kwam in een gecompliceerde stelling een zetherhaling op het bord. Hij schrijft over zijn partij:
Na de opening dacht ik goed te staan, waarbij mijn tegenstander ervoor koos om een toren en pion te ruilen tegen een paard en een loper. Meestal zijn paard en loper beter in veel stellingen, hier koos ik vermoedelijk het verkeerde plan door de stelling toch te openen.
Mijn tegenstander kreeg goede kansen maar in tijdnood kwam hij er niet meer uit, en ging herhaling van zetten aan. Uiteindelijk het beslissende halfje.

Op bord vier Vladimir. Hij liet weten dat hij snel klaar was omdat hij door een blunder zijn dame verloor.

Sanne over zijn partij:

Tegen 1.d4 2. Pf3 3. e3 speelde ik de Hedgehog. Waarom ik deze egel nog altijd op mijn repertoire heb weet ik niet: ik begrijp de stellingen slecht, weet nooit welk stekeltje (b5, g5 of toch f5?) op te zetten. Ook hou ik er niet van om zo weinig ruimte te nemen.

Net op het moment dat we allebei niet meer verder konden manoeuvreren en een laffe remise door Tc1-Td1 en Te8-Td8 in de lucht hing speelde mijn tegenstander g4. Twee zetten later mist hij een tussenzetje en verliest een pion. Zoals vaak gebeurt na een mindere zet weet hij zich niet te herpakken en blundert pardoes verschrikkelijk. Daarna speelt hij nog een zet of tien een eindspel met een volle toren achter.

Mijn partij was wel aardig. Ik vond dat ik een leuk strategisch idee had: zijn stukken naar de verkeerde velden sturen waar ze elkaar in de weg staan. Zoals altijd vindt de computer dan dat ik het anders had moeten doen. En ook zoals altijd het heeft het ding gelijk. Het slot is leuk:

De andere Rob speelde weer een van zijn gambieten. Zijn partij:

Bij Serkan zag ik een stelling met een toren voor hem tegen twee lopers. Maar die had hij zo op de damevleugel weten op te sluiten dat dat loperpaar nauwelijks betekenis had. Zoals het hoort volgt dan een doorbraak op de koningsvleugel en creëert hij een vrijpion. Nadat er nog stukken geruild zijn heeft hij het punt voor het oprapen. Maar zoals Frank al schreef was Serkan ergens over geïrriteerd en gaf in de tijdnood van zijn tegenstander in een gewonnen stelling remise. De gratis les van Frank kan ik dus alleen maar onderschrijven.

Na vier speelronden staan we twee punten los van de rest van het veld. Dat gaat de goede kant op.

Leave a Comment